Vragen die raadsheren hadden kunnen (moeten) stellen (1)

Rechters moeten het dossier beoordelen dat hun wordt voorgelegd. Ze stellen vragen en horen de meningen van deskundigen. Toch werden veel vragen niet gesteld.

In de Deventer Moordzaak hebben de raadsheren te vaak achterover geleund en vertrouwd op wat de advocaten-generaal hen voorschotelden.

Ook de deskundigen werden op hun woord geloofd – en dat moet ook.

Hoewel, ook dat ging een paar keer goed mis.

Maar vragen stellen of toelichting vragen over belangrijke onderwerpen is niet een blijk van wantrouwen.

We weten dat dit soort gemiste kansen van de raadsheren geen onderwerp van het herzieningsonderzoek zijn dat onder leiding van advocaat-generaal mr. Aben wordt uitgevoerd en al bijna 7 jaar duurt.

Bij dat onderzoek moet het immers gaan over ‘nova’.

Maar schrijnend is het allemaal wel. Een belangrijke oorzaak van de frustratie die bij de Deventer Moordzaak wordt gevoeld.

Hieronder sommen we een aantal vragen op die de raadsheren hadden kunnen en eigenlijk hadden moeten stellen.

We gaan er hierbij van de verdenking dat Louwes op donderdag 23 september 1999, rond 9 uur ‘s avonds mevrouw Wittenberg heeft vermoord.

De vragen die de raadsheren hadden moeten stellen aan de advocaten-generaal:

Mevrouw de advocaat-generaal.
Ik zie in het dossier dat de schouwarts geen tijdstip van overlijden heeft vastgesteld. Het is toch zeer gebruikelijk dat dit wel wordt gedaan? Waarom is dat in dit geval niet gebeurd? En hoe weet u dan zo zeker dat de moord op donderdagavond is gepleegd en dan ook nog wel op zo’n precies tijdstip?

Mevrouw de advocaat-generaal.
In het dossier ontbreekt het resultaat van een reconstructie. Kunt u me vertellen waarom die niet heeft plaatsgevonden? Er zijn nogal wat vragen over de plaats waar het slachtoffer is aangetroffen en waar ze is vermoord? Kunt u daarover wat meer vertellen?

Mevrouw de advocaat-generaal.
Uit het dossier blijkt dat Louwes om 19 uur van de Jaarbeurs is vertrokken en dat hij later die avond is thuisgekomen tussen 21 uur (zijn verklaring) en 23 uur (uiterste andere mogelijkheid). Kunt u toelichten waarom u ervan overtuigd bent dat Louwes voldoende tijd had om de moord en alle bijkomende handelingen uit te voeren: de moord, doorzoeken en grondig reinigen van het huis, verplaatsen van een zwaar stoffelijk overschot, van en naar de auto wandelen, etc.? Heeft u een plausibel scenario?

Mevrouw de advocaat-generaal.
Het slachtoffer heeft donderdagmiddag boodschappen gedaan. Ze heeft onder meer vlees, vleeswaren en broodjes gekocht. Een belangrijk deel hiervan is niet meer aangetroffen, niet in het huis en evenmin door de sectiearts. Deze zouden dus door Louwes moeten zijn meegenomen. Hebt u er een logische verklaring voor waarom hij dat zou hebben gedaan. Graag een andere dan ‘het creĆ«ren van een dwaalspoor’?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *