Gehoopte en verwachte antwoorden op Kamervragen

Kamerleden hebben op 29 maart 2022 aan de minister van Justitie en Veiligheid vragen gesteld over de trage voortgang van het onderzoek in de Deventer moordzaak.

Gidi Markuszower (PVV) die vorig jaar ook al naar de voortgang informeerde, stelde samen met zijn collega Lilian Helder (PVV) de vragen en wilde nu, bijna 7 maanden later, wel eens weten hoe het onderzoek was gevorderd. De antwoorden van de minister kwamen redelijk snel, maar bleven ook opnieuw redelijk vaag.

In 2019 stelde Kamerlid Attje Kuiken (PvdA) soortgelijke vragen want zij raakte na 6.5 jaar gefrustreerd door het maar eindeloos uitblijven van resultaten van het onderzoek. Deze keer ondertekende ze de vragen niet. Ze zal haar handen vol hebben gehad aan het toeslagendossier, de mondkapjesdeal en de vacature van fractievoorzitter.
Ook zij kreeg wel snel antwoord, maar het was een typisch geval van Kluitje in het Riet.

Hieronder geven we twee typen mogelijke antwoorden.
Eerst die waarnaar heel Nederland na 9 jaar onderzoek uitziet.
Vervolgens de antwoorden die de minister ook deze keer weer zal geven.

Vraag 1
Uw ambtsvoorganger, dhr. Grapperhaus, gaf op 6 oktober 2021 aan dat het coldcase team van de politie de eerste onderzoeksresultaten over vier maanden beschikbaar zou stellen. Deze vier maanden zijn inmiddels verstreken; zijn de onderzoeksresultaten inmiddels afgerond? Zo nee, waarom niet?
Gehoopte antwoord
Nee.
Ik heb de procureur-generaal van het parket van de Hoge Raad opdracht gegeven mij binnen een week te rapporteren waarom het onderzoek nog niet is afgerond. Bovendien wil ik een tussenrapportage ontvangen. Na meer dan negen jaar is het niet teveel gevraagd binnen een maand het herzieningsonderzoek af te sluiten en mij te rapporteren over de resultaten. Ik verwacht dat de PG deze vraag met de hoogste prioriteit zal behandelen.
Verwachte antwoord
Nee.
De onderzoeksresultaten zijn helaas nog niet bekend. De leider van het onderzoek, advocaat-generaal mr. Aben, had al in september 2019 voorspeld dat het DNA-onderzoek complex is en dat daardoor het onderzoek zo maar een paar jaar langer zou kunnen duren. Hoewel het coldcase team er nog steeds alles aan doet om zo spoedig mogelijk tot afronding van het onderzoek te komen, is dat nog niet gelukt.

Vraag 2
Is de betreffende betrokkene hierover geïnformeerd? Zo nee, waarom niet?
Gehoopte antwoord
Ja.
Ik heb de advocaat van de betrokkene hierover geïnformeerd. Hij juicht deze voortvarende aanpak toe. Natuurlijk is ook hij van mening dat het herzieningsonderzoek nooit zo lang had mogen duren.
Verwachte antwoord
Ja.
Ik heb de advocaat van de betrokkene hierover geïnformeerd.

Vraag 3
Hoe beoordeelt u het feit dat dit onderzoek, begonnen in januari 2013, inmiddels ruim negen jaar duurt?
Gehoopte antwoord
Ik heb er begrip voor dat het ene herzieningsonderzoek meer tijd vergt dan een ander. Maar meer dan 9 jaar is buitensporig lang. Dit is niet te verantwoorden tegenover betrokkene maar evenmin tegenover de samenleving die van de overheid mag verwachten dat die op verantwoorde wijze met de rechten van de burgers omgaat. Daarvan is in dit geval geen sprake.
Verwachte antwoord
Ook ik acht het uitermate betreurenswaardig dat het onderzoek zo lang duurt. Het is nog niet eerder voorgekomen dat een herzieningsonderzoek zoveel tijd in beslag moest nemen. Maar in dit geval kon het niet anders, daarvoor is de materie te complex (vergelijk de complexiteit met die van andere activiteiten, red.).
Ook speelt een rol dat het misdrijf inmiddels bijna 23 jaar geleden heeft plaatsgevonden. Het spreekt vanzelf dat dit het onderzoek aanzienlijk bemoeilijkt en dus vertraagt. Bovendien worden de onderzoekstechnieken, met name op het gebied van DNA-onderzoek, steeds geavanceerder waardoor eerdere resultaten opnieuw ter discussie werden gesteld. Ook de de advocaat van betrokkene heeft hierin een rol gespeeld, hoe begrijpelijk die ook is.

Vraag 4
Deelt u de mening dat van een «spoedige voortgang» van het onderzoek, zoals gesteld door uw voorganger, totaal geen sprake is? Zo nee, waarom niet?
Verwachte antwoord
Populair geformuleerd is de kwalificatie een spoedige voortgang in dit geval een gotspe. Het geeft betrokkene en feitelijk elke burger een machteloos gevoel wanneer een advocaat-generaal een herzieningsonderzoek eindeloos kan rekken. Er is geen termijn waarbinnen een dergelijk onderzoek moet worden afgerond en betrokkene kan over een dergelijke gang van zaken nergens zijn ‘recht’ halen. Dit ondergraaft het vertrouwen dat de burger moet hebben in de overheid en de rechtspraak. Deze opvatting heb ik gedeeld met de procureur-generaal.
Mogelijk antwoord
Gezien de complexiteit van de zaak kan het onderzoek helaas niet sneller worden afgerond. Ondanks de lange duur van het onderzoek kan er dus – gelet op de randvoorwaarden – wel degelijk worden gesproken van een relatief spoedige voortgang. Natuurlijk zou ook ik wensen dat het nog sneller tot resultaten zou leiden.

Vraag 5
Hoe beoordeelt u het feit dat de betreffende medewerker van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI), die destijds bij de behandeling van de Deventer moordzaak bij het gerechtshof een presentatie heeft gehouden, inmiddels in de Verenigde Staten van een zaak is gegooid als deskundige omdat hij niet geslaagd was voor zijn basisvaardigheidstests en toegaf dat hij «zelf opgeleid» was in het uitvoeren van DNA-profielen?
Gehoopte antwoord
Het is mij bekend dat betrokken medewerker tijdens de behandeling door het Hof Den Bosch aanvechtbare uitspraken heeft gedaan.
In het licht van de gebeurtenissen in Denver, USA, waar de rechter hem niet voldoende DNA-deskundig achtte en hem daarom als deskundige uitsloot van het proces, zal het herzieningsonderzoek ongetwijfeld aandacht hebben besteed aan de deskundigheid van deze medewerker en zijn rol bij het Hof Den Bosch. De vraag of dit consequenties moet hebben voor het proces is niet aan mij ter beoordeling.
Ook is het mij bekend dat deze medewerker na de behandeling door het Hof Den Bosch een opvallende rol heeft gespeeld waarvan de toelaatbaarheid bij deskundigen een punt van discussie is. Ik noem zijn optreden in het programma van Pauw&Witteman (tonen van een NFI-foto uit de Deventer moordzaak) en zijn uitspraken over het beruchte maanpak. Ook zijn meer recente optreden tijdens een tv-serie over de Villamoord, waarin hij zich presenteerde als ballistisch deskundige, roept vraagtekens op.
Verwachte antwoord
De betreffende medewerker heeft in opdracht van zijn toenmalige werkgeven (NFI) DNA-onderzoek gedaan en de resultaten gepresenteerd voor het Hof Den Bosch. De eisen die in de Verenigde Staten aan forensisch deskundigen worden gesteld (bijvoorbeeld eisen ten aanzien van opleiding) verschillen met die in Nederland. Om die reden kan ik geen beoordeling geven van de door u genoemde feiten.

Vraag 6
Wat is de stand van zaken van de tweede fase van het onderzoek die volgens uw voorganger in oktober 2016 «een paar maanden» in beslag zouden nemen? Kunt u aangeven wanneer de resultaten hiervan uiterlijk verwacht worden? Zo nee, waarom niet?
Gehoopte antwoord
De procureur-generaal van het parket van de Hoge Raad heb ik mijn grote zorgen over de voortgang van het herzieningsverzoek kenbaar gemaakt. Ik verwacht dat ik de Kamer over de resultaten van dit onderzoek uiterlijk 1 juni 2022 kan informeren.
Verwachte antwoord
Vanwege de complexiteit van het onderzoek, met name dat betreffende DNA, is het niet mogelijk te voorspellen wanneer de onderzoeksresultaten kunnen worden verwacht. De betreffende onderzoekers doen er alles aan het onderzoek zo snel mogelijk tot een eind te brengen.

Vraag 7
Welke maatregelen gaat u treffen om dit onderzoek te bespoedigen? Bent u bereid de Kamer hierover te informeren?
Gehoopte antwoord
Zoals ik eerder heb aangegeven, heb ik de procureur-generaal van het parket van de Hoge Raad mijn zorgen kenbaar gemaakt en hem verzocht deze kwestie met de hoogste prioriteit te behandelen. Wanneer dit niettemin niet tot de gewenste resultaten zal leiden, zal ik nadere mogelijkheden onderzoeken.
Verwachte antwoord
Ik zal de door u genoemde vragen doorgeleiden naar de procureur-generaal van het parket van de Hoge Raad met het verzoek aan deze zaak hoge prioriteit te geven. Gezien de scheiding der machten kan mijn bemoeienis niet verdergaan. Vanzelfsprekend ben ik bereid u over het resultaat hiervan te informeren.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.