In het rekenmodel van zijn Conclusie probeert Aben aannemelijk te maken dat Louwes tijdig in Deventer kon zijn om van daaruit het slachtoffer te bellen en vervolgens te doden. Daartoe goochelt hij met tijden en manipuleert hij teksten maar maakt hij zich ook schuldig aan selectief citeren. Hieronder een voorbeeld.
Aben bespreekt de vraag of Louwes op de cursuslocatie een kop koffie heeft gedronken en of hij naar het toilet is geweest. Dat laatste ontleent hij aan een scenario van Derksen, waarna hij opmerkt:
… Voor beide is echter geen objectieve ondersteuning. Sterker, ik kan in het dossier nergens vinden dat de verzoeker heeft verklaard aldaar van het toilet gebruik te hebben gemaakt …
Op het eerste gezicht lijkt dit een neutrale constatering, maar opvallend is dat Aben zich hier feitelijk alleen expliciet uitlaat over het toiletbezoek. Over het drinken van een kop koffie zwijgt hij, terwijl zijn formulering de indruk wekt dat voor beide handelingen geen steun in het dossier bestaat. Daarmee zet hij de lezer subtiel op het verkeerde been.
Voor het toiletbezoek klopt het dat Louwes dit niet expliciet heeft genoemd. Maar voor het drinken van een kop koffie ligt dat anders. Daarover heeft Louwes wél verklaard (proces-verbaal van 19 november 1999):
… Hij had zich wel ingeschreven, maar was na het drinken van een kop koffie weer weggegaan …
Of dit als ‘objectieve ondersteuning’ moet gelden, kan men betwisten, maar de verklaring bestaat en wordt door Aben onbesproken gelaten. Dat is relevant, temeer daar het drinken van een kop koffie onder de geschetste omstandigheden volstrekt aannemelijk is: na enkele uren onderweg te zijn geweest ligt het voor de hand dat iemand even iets drinkt voordat hij weer vertrekt.
Hetzelfde geldt in feite voor een mogelijk toiletbezoek. Ook al heeft Louwes dit niet expliciet genoemd (en mogelijk pas na geruime tijd), het is bepaald niet onlogisch dat iemand die al sinds de middag onderweg is en nog een autorit van meer dan een uur voor de boeg heeft, nog even gebruik maakt van het toilet.
Kortom, waar Aben formeel een punt maakt over het ontbreken van expliciete verklaringen, laat hij tegelijkertijd relevante context en wél aanwezige verklaringen buiten beschouwing. Dat versterkt de indruk van selectief gebruik van het dossier.
Voor de simulatie van de tijdlijn tussen huis Boermeester en het vertrek vanaf de Groenendaalstraat maakt het weglaten van activiteiten als koffie drinken en toiletbezoek uiteraard verschil. Maar zelfs dan blijft de kans dat Louwes vóór 19.20 uur vanaf de Groenendaalstraat vertrekt zeer klein, en de kans op een vertrektijd vóór 19.00 uur is feitelijk nihil.